Sluipverkeer welke maatregelen

Sluipverkeer

Sluipverkeer is de benaming voor (ongewenste) verkeersstromen die ontstaan als gevolg van capaciteitsproblemen (zoals ongevallen of files) op snelwegen of andere belangrijke wegen. Hierdoor wordt het onderliggende wegennet overbelast en ondervinden het lokale verkeer en de omwonenden hinder.

Als de capaciteitsproblemen niet opgelost kunnen worden, wordt vaak getracht om het sluipverkeer tegen te gaan door de reistijd op de sluiproute dusdanig te verlengen dat het "sluipen" niet meer lonend is. Hiertoe worden bijvoorbeeld wegversmallingen of roadblockers toegepast. 
 
Een sluiproute is een alternatieve route die meestal gebruikt wordt om files te vermijden. Sluiproutes leiden veelal over kleinere wegen die eigenlijk niet bedoeld zijn voor grote verkeersstromen. Om hinder te voorkomen worden sluiproutes wel afgesloten of voorzien van verkeersdoseerinstallaties, pollers, of verkeersdrempels.
Parkeerplaatsen of tankstations langs de snelweg worden ook wel als sluiproute gebruikt. Men rijdt dan bij file de snelweg af en probeert via de rustige parkeerplaats verderop in de file weer in te voegen

Sluiproute

Voorbeeld van een sluiproute over polderwegen tussen Delft en Schiedam, als alternatief voor de A13. Tegenwoordig voorzien van een verkeersdoseerinstallatie.

Een sluiproute is een alternatieve route die meestal gebruikt wordt om files te mijden. Sluiproutes leiden veelal over kleinere wegen, die eigenlijk niet bedoeld zijn voor grote verkeersstromen.

Om hinder te voorkomen worden sluiproutes wel afgesloten of voorzien van verkeersdoseerinstallaties, pollers, of verkeersdrempels. Soms wordt de route alleen tijdens de spitsuren gesloten voor autoverkeer.

Parkeerplaatsen of tankstations langs de snelweg worden ook wel als sluiproute gebruikt. Men rijdt dan bij een file de snelweg af en probeert via de rustige parkeerplaats verderop in de file weer in te voegen. In sommige gevallen worden verkeerslichten bij parkeerplaatsen geplaatst, waardoor de automobilist alsnog moet wachten. Ook bij klaverbladen komt dit voor: men rijdt dan rechtdoor via de parallelbaan die eigenlijk alleen bestemd is voor links- en rechtsafslaand verkeer. Dit wordt door andere weggebruikers die wel in de file wachten, als een grote ergernis ervaren[bron?], waardoor de politie hierop is gaan controleren en bekeuren.[bron?]

Verkeersdoseerinstallatie

 
Doseerinstallatie op een polderweg tussen Delft en Schiedam. Elke ca. 20 seconden mag 1 auto passeren

Een doseerinstallatie is een speciaal verkeerslicht dat er voor dient om de verkeersstroom te reguleren. Deze installaties worden doorgaans ook uitgerust met een flitspaal en staan staan meestal vlak voor grote Nederlandse provinciale wegen of autosnelwegen: dit wordt aangeduid met toeritdosering.

Er zijn ook doseerinstallaties die zijn uitgerust met een poller, dit "bewegende obstakel" is een afgerond stalen blok dat na 1 auto tevoorschijn komt uit de grond. Deze worden meestal toegepast op sluiproutes.

De techniek wordt ook gebruikt voor de Gotthardtunnnel om files in de tunnel te vermijden

 

Poller

Een poller/bollard
Piramidevormig model, Trapezium Blocker
Ramkraakbeveiliging
Stadafsluiting

Een poller, bollard of inzinkbare paal is een paal die door een elektrische of hydraulische aandrijving uit een wegdek omhoog wordt gestuurd en die dient om het autoverkeer te reguleren.

De benaming lijkt qua uitspraak op het Nederlandse woord bolder, bekend van het aanmeren van schepen in havens. In het Duits en Engels gebruikt men één woord voor beide, en andere, soorten palen: Duits: poller, Engels: bollard.

De paaltjes zijn in het algemeen cilindrisch van vorm en 40 tot 80 cm. hoog. Bij de meeste toepassingen varieert de diameter van 10 tot 40 cm. Piramide- en trapeziumvormige uitvoeringen zijn ook ontwikkeld. Het materiaal is staal, afgewerkt in kleur of roestvrij staal. De zware uitvoeringen zijn in staat om (vracht)auto's met snelheden tot boven 50 km/h tegen te houden.

Toepassingen

De paaltjes worden bijvoorbeeld gebruikt voor de toegangscontrole tot parkeerterreinen, tot vrije busbanen of tot verkeersarme stadscentra. De zwaardere uitvoeringen worden als ramkraakbeveiliging toegepast, bij de ingang naar inbraakgevoelige winkels. Hoewel het vrij dure apparatuur betreft, worden de inzinkbare palen ook wel gebruikt voor het afsluiten van individuele parkeerplaatsen.

Een nadeel van de paaltjes is dat ze ongelukken kunnen veroorzaken bij automobilisten die er niet bekend mee zijn: men denkt door te kunnen rijden, waarna de auto van onderen beschadigd raakt door de omhoog komende paal. Om dit te vermijden zijn bij pollers in doorgaande wegen vaak stoplichten aangebracht die op groen springen zodra de poller naar beneden gaat. Zo is duidelijk te zien dat men niet zomaar door kan rijden, maar moet wachten tot de poller naar beneden gaat.

Geschiedenis

Het Franse bedrijf Urbaco presenteert zich als de uitvinder van het inzinkbare paaltje. Oprichter Yvan Verra zou het idee in 1984 hebben bedacht waarna het in 1987 voor het eerst werd toegepast. Het bedrijf verzorgde ook de eerste voetgangerszone die volledig met behulp van automatische paaltjes wordt gereguleerd. Die werd in 1990 in gebruik genomen in Aix-en-Provence.